Op het tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode) kunt u de kleurenmodus, uitvoerresolutie, helderheid, kleurtint en dergelijke voor de scan instellen.
In dit gedeelte wordt uitgelegd hoe u een afzonderlijk document scant.
Raadpleeg 'Meerdere documenten tegelijk scannen met ScanGear (scannerstuurprogramma)' voor informatie over het scannen van meerdere documenten tegelijk.
BelangrijkDe volgende typen documenten worden mogelijk niet goed bijgesneden. Klik in dat geval op
(miniatuur) op de werkbalk om te schakelen naar de volledige weergave en te scannen.
- Foto's die een witte (lichte) rand hebben
- Documenten die op wit papier zijn afgedrukt, handgeschreven tekst, visitekaartjes enzovoort
- Dunne documenten
- Dikke documenten
De volgende typen documenten kunnen niet goed worden bijgesneden.
- Documenten die kleiner zijn dan 3 vierkante cm / 1,18 vierkante inch
- Foto's die in verschillende vormen zijn uitgesneden
Plaats het document op de glasplaat en start ScanGear (scannerstuurprogramma).
Klik op de tab Geavanceerde modus (Advanced Mode).
Het tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode) wordt weergegeven.

OpmerkingDe instellingen blijven niet behouden als u schakelt tussen modi.
Stel Instellingen voor invoer (Input Settings).
Klik op Voorbeeld (Preview).
Er verschijnt een scanvoorbeeld van het document in het voorbeeldgebied

OpmerkingAls u scant zonder een voorbeeld weer te geven, wordt de functie voor het verminderen van het doorschijnen van het document ingeschakeld. Deze functie is handig bij het scannen van tijdschriften. Wanneer u echter foto's scant, kan de kleurtint van de gescande afbeelding afwijken van die van het origineel, vanwege de functie voor het verminderen van het doorschijnen van het document. Bekijk in dat geval eerst een voorbeeld.
Stel de Instellingen voor uitvoer (Output Settings) in.
Stel het bijsnijdkader (scangebied) in en breng desgewenst afbeeldingscorrecties en kleuraanpassingen aan.
Klik op Scannen (Scan).
Start met scannen.
OpmerkingKlik op
(Informatie) om een dialoogvenster te openen waarin u de huidige scan-instellingen (documenttype etc.) kunt controleren.
Wat er met ScanGear (stuurprogramma) gebeurt na het scannen kan worden opgegeven bij Status van het dialoogvenster ScanGear na het scannen (Status of ScanGear dialog after scanning) op het tabblad Scannen (Scan) van het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences).